KenniscentrumBehandelingenRadiotherapie › Bijwerkingen korte termijn › Radiotherapie: bijwerkingen op korte termijn

Radiotherapie: bijwerkingen op korte termijn

Bestraling kan op korte termijn verschillende bijwerkingen hebben:
  • huidproblemen (irritatie, rood, soms blaren);
  • vermoeidheid;
  • oedeem (vochtophoping);
  • slikklachten.

Huidproblemen

Als de huid uitwendig wordt bestraald, kan deze geïrriteerd raken en pijnlijk tot zelfs zeer pijnlijk aanvoelen, bijvoorbeeld bij het litteken van de operatie. Een enkele keer ontstaan er blaren en open wonden, vooral in de huidplooien. Hoewel het kan voelen als een verbranding, is hier geen sprake van.
De reacties van de huid zijn tegenwoordig minder sterk dan een aantal jaren geleden. De combinatie met chemotherapie, voorafgaand aan de bestralingskuur, kan wel een sterkere huidreactie geven.
De eerste huidreactie is roodheid, doorgaans twee tot vier weken na de eerste behandeling. Vervolgens kleurt de huid donkerder. Soms ontstaan er blaren of gaat de huid stuk. In huidplooien (bijvoorbeeld oksels) zijn de huidreacties het sterkst. Maar ook onder de borsten en bij het operatielitteken.
Normaal gesproken geneest de huid binnen vier tot zes weken na beëindiging van de bestralingskuur. Een huidverkleuring kan nog maanden tot jaren blijven bestaan.
Ondergaat u radiotherapie, kies dan voor comfortabel zittende bh's. Bijvoorbeeld van katoen, zodat uw borst zoveel mogelijk wordt ontzien.
U doet er goed aan tijdens de bestralingen en in het eerste jaar na de bestraling, ter bescherming van uw huid, niet te zonnebaden. Na een bestralingskuur kunt u die beter niet te lang aan zonlicht of de zonnebank blootstellen. Toch kunt u op een verantwoorde manier van de zon genieten, net als ieder ander. Maar wees voorzichtig: bescherm de eerste jaren na een bestralingskuur uw huid met kleding of een zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor (van 30 of meer).

Vermoeidheid

Van een bestraling kunt u erg moe worden, doordat de bestraling ook gezond weefsel aantast. Uw lichaam heeft veel energie nodig om het aangetaste weefsel te herstellen. Ook de stress en het steeds naar een ziekenhuis moeten reizen maken u moe. Meestal gaat de vermoeidheid na enige tijd over. Hoe snel dat gaat, verschilt per persoon.

Oedeem

Door bestraling van de oksel wordt het risico op het ontstaan van lymfoedeem groter, zeker na een okselkliertoilet. De bestraling beschadigt ook de zweetklieren, met als gevolg dat deze minder goed werken of zelfs helemaal niet meer. Uw okselhaar kan uitvallen en komt vaak niet meer terug.

Slikklachten

Door bestraling van de klieren langs het borstbeen kan irritatie ontstaan aan de luchtpijp en het slijmvlies aan de binnenkant van de slokdarm. Deze irritatie kan (tijdelijke) slikklachten tot gevolg hebben. De klachten ontstaan meestal later in de behandeling en zijn tijdelijk. Medicatie (in overleg met de arts) kan verlichting van de klachten geven.




Deel deze pagina: